Cosis helpt mensen met een verstandelijke en/of psychische beperking grip te krijgen op het leven.
''Rond 30 april, dan werd hij onrustig.''

Even stil staan bij de doden

Het is weer de tijd van de Dodenherdenking en de Bevrijding. Ik ben te jong om de oorlog zélf te hebben meegemaakt, dat spreekt voor zich. Maar ik moest onlangs wel aan een cliënt denken die ik heb begeleid die de oorlog wel degelijk aan het eigen lijf heeft ervaren.

Toen ik als 20-jarige begeleider werkzaam was in een Gezinsvervangend Tehuis in Coevorden leerde ik Klaas kennen. Hij was een man die overdag naar de sociale werkvoorziening ging. Altijd netjes gekleed en met stropdas. De eerlijkheid gebied te zeggen dat, toen ik voor het eerst aan het werk ging ik dacht dat hij de 'directeur' was.  Klaas was een van de eerste bewoners waar ik persoonlijk begeleider van werd. Een statige man die erg gesteld was op zijn privacy. Hij had niet zoveel met het 'groepsgebeuren' en trok zich het liefst terug in de veiligheid van zijn eigen kamer.

Klaas was iemand die, laat ik het zo noemen, een geheel eigen karakter had. Hij wist goed wat hij wel wilde en vooral ook heel goed wat hij niet wilde. Mijn beroepsmatige onderhandelingsvaardigheden heb ik voor een groot deel van hem  geleerd. Over het algemeen was het een bewoner waarmee iedereen prima in contact was.

Onrustig
Maar zo vanaf Koninginnedag, rond 30 april, dan werd hij onrustig. Dan praatte hij hardop in zijn kamer en begon dan bij tijd en wijle ook stevig te vloeken en te schelden en gebruikte hij het woord 'rotmof' regelmatig. Als je hem vroeg wat er aan de hand was dan antwoorde hij steevast dat er niets aan de hand was of dat er een vlieg door de kamer zoemde.

Als hem een vraag werd gesteld die hem niet zinde dan kon hij zomaar, vanuit het niets, boos worden en vragen om  een 'ausweiss'. Dat hier sprake was van een oorlogstrauma, al dan niet gediagnostiseerd, kun je je voorstellen.

Verhaal
Klaas was in zijn jonge jeugd in de 'inrichting' in Assen opgenomen, omdat hij een verstandelijke beperking had. Tijdens de eerste oorlogsdagen, begreep ik, werd hij naar zijn ouderlijk huis terug gestuurd. Zonder begeleiding moest hij de, voor die tijd best lange reis, thuis zien te komen. Wat hij onderweg gezien heeft en ervaren moet hebben zou, denk ik, voor iedereen overweldigend en niet te bevatten zijn.  

Mensen op drift, vliegtuigen die laag overvliegen, de angst van wat komen gaat. Als je dan ook nog een beperking hebt dan is de impact daarvan mogelijk nog veel groter. Tijdens de oorlogsjaren heeft hij bombardementen meegemaakt in en rond zijn woonplaats. Hij is getuige- en deelgenoot geweest van een leven in oorlogstijd. Elk jaar weer beleefde Klaas dat weer alsof het nog maar net gebeurd was. 

Klaas bezocht elk jaar de dodenherdenking in de stad. Het hielp hem om het boek van zijn oorlogservaring weer even te kunnen sluiten. Tot het volgende jaar.

Jerry biografie